Volgens een nieuw rapport van Bridge Ratings heeft de zogenaamde Y-generatie, jongeren geboren tussen 1980 en 1993, een nieuw luisterpatroon ontwikkeld.
Zij lopen rond met oordopjes en luisteren bij voorkeur naar hun MP3 speler, zowel in de stad als op school of op het werk. Deze houding is zo manifest dat zij ook hun manier van omgaan met anderen beïnvloedt. Wanneer de traditionele media niet inspelen op de smaak en de behoeften van de 14 tot 27 jarigen, zullen zij hun greep op deze groep steeds verder verliezen, aldus het rapport. In 2003 luisterde nog bijna 90 procent van de Y-generatie naar traditionele AM en FM radio maar volgens dit onderzoek zal tegen 2020 dit aandeel tot 40 procent gedaald zijn. Traditionele radio had in het verleden sterke troeven om de jongeren aan zich te binden, vooral de eenvoud bij het gebruik en de programma formats afgestemd op de doelgroep gaven de doorslag, naast beschikbaarheid in de auto en het lokale karakter.
Maar vandaag heeft de traditionele radio niet langer de exclusiviteit op deze elementen, de nieuwe media en de mobiele opties trekken het laken naar zich toe. De eenvoud in gebruik is nog wel een dominant gegeven, omdat podcasts heel wat manipulatie vragen en mp3 in de auto nog niet veralgemeend is, weet de ‘druk op de knop’-radio zijn positie nog deels te handhaven. Bij de mediaconsumptie van de Y-generatie noteerde Brdige Ratings een sterke terugval van het tv-kijken, van 4 uur in 2001 tot 2 uur 25 minuten in 2006. Die tijd wordt opgeslorpt door internet, mp3 spelers en mobiele telefoon. Vaak wordt nog tv gekeken, maar dan zonder klank, dat is een onderdeel van het simultaan gebruik van meerdere media. Chatten, mailen, radio en muziek beluisteren, computergebruik, surfen, tv kijken… tal van media worden tegelijkertijd gebruikt.
http://www.bridgeratings.com/
woensdag 27 juni 2007
User-generated content, lucratief gegeven
‘User-generated Content’ blijkt een lucratief gegeven te zijn voor de uitgevers die zich in dit domein ‘incontournable’ weten te maken. Volgens een studie van eMarketer zouden deze sites dit jaar in de Verenigde Staten reeds 1 miljard dollar genereren en dit bedrag zou meer dan verviervoudigen tegen 2011.
Het zijn vooral de sites die aan de basis liggen van dit fenomeen die hier beter zullen van worden, zoals YouTube, MySpace, Facebook, Photobucket en anderen. Wereldwijd zou user-generated content in 2007 een advertentie omzet van 1,6 miljard opleveren en 8,2 miljard dollar in 2011.
De tijden dat de mediagiganten de controle over de creatie en distributie van content in handen hadden behoren definitief tot het verleden, stellen de analisten van eMarketer in hun rapport “User-Generated Content: Will Web 2.0 Pay Its Way?”. De consumenten krijgen de touwtjes in handen, niet alleen zullen zij bepalen hoe en wanneer zij de media gebruiken, zij zullen ook de inhoud bepalen.
User-generated content is geen nieuw fenomeen, graffiti, speaker corners en vooral home video programma’s waren lang voor het internet populair. Het verschil is echter dat het internet de creatie en distributie gedemocratiseerd heeft. Iedereen met een computer met internettoegang beschikt over de mogelijkheid om een massapubliek te bereiken. In 2006 zouden 64 miljoen burgers hebben bijgedragen aan de inhoud die online te vinden is en tegen 2011 worden dat net geen 100 miljoen burgers, aldus eMarketer.
Momenteel domineert de VS nog de toelevering van online content, maar andere regio’s laten zich niet onbetuigd, tegen 2011 zouden wereldwijd 238 miljoen internetgebruikers online inhoud aanleveren, een verdubbeling in vergelijking met de 118 miljoen in 2006.
Het zijn vooral de sites die aan de basis liggen van dit fenomeen die hier beter zullen van worden, zoals YouTube, MySpace, Facebook, Photobucket en anderen. Wereldwijd zou user-generated content in 2007 een advertentie omzet van 1,6 miljard opleveren en 8,2 miljard dollar in 2011.
De tijden dat de mediagiganten de controle over de creatie en distributie van content in handen hadden behoren definitief tot het verleden, stellen de analisten van eMarketer in hun rapport “User-Generated Content: Will Web 2.0 Pay Its Way?”. De consumenten krijgen de touwtjes in handen, niet alleen zullen zij bepalen hoe en wanneer zij de media gebruiken, zij zullen ook de inhoud bepalen.
User-generated content is geen nieuw fenomeen, graffiti, speaker corners en vooral home video programma’s waren lang voor het internet populair. Het verschil is echter dat het internet de creatie en distributie gedemocratiseerd heeft. Iedereen met een computer met internettoegang beschikt over de mogelijkheid om een massapubliek te bereiken. In 2006 zouden 64 miljoen burgers hebben bijgedragen aan de inhoud die online te vinden is en tegen 2011 worden dat net geen 100 miljoen burgers, aldus eMarketer.
Momenteel domineert de VS nog de toelevering van online content, maar andere regio’s laten zich niet onbetuigd, tegen 2011 zouden wereldwijd 238 miljoen internetgebruikers online inhoud aanleveren, een verdubbeling in vergelijking met de 118 miljoen in 2006.
dinsdag 26 juni 2007
Joost in de huiskamer
Joost, aanbieder van gratis televisie via het internet, is nog niet eens officieel van start gegaan, of het bedrijf denkt alweer aan de volgende stap. Joost wil de huiskamer in, onder meer door integratie van de Joost-videosoftware in settop-boxen.
De toonaangevende videodiensten op het internet lijken een voor een tot het besef te komen dat de meeste mensen liever tv kijken vanuit hun luie zetel dan vanachter hun computerscherm. En dus zullen ze ook die markt moeten bedienen, willen ze een miljoenenpubliek kunnen bereiken. Enkele weken geleden wist YouTube al een deal te sluiten met Apple, waardoor bezitters van een Apple TV de filmpjes van YouTube voortaan ook kunnen afspelen via hun televisie. Concurrent Joost wil de boot niet missen en voert achter de schermen gesprekken met hardwarefabrikanten om hun programma te integreren in settop-boxen. Of ook met Apple wordt gesproken is niet duidelijk.
De ambities van Joost reiken overigens verder dan de huiskamer. Mike Volpi, de nieuwe CEO, stelt dat Joost een stukje software is dat in principe ook ingebakken kan worden in mobiele telefoons en andere toestellen. Op dit moment verkeert Joost nog in een publieke bètafase. Verwacht wordt dat de dienst binnen nu en enkele weken officieel gelanceerd wordt.
http://www.joost.com
De toonaangevende videodiensten op het internet lijken een voor een tot het besef te komen dat de meeste mensen liever tv kijken vanuit hun luie zetel dan vanachter hun computerscherm. En dus zullen ze ook die markt moeten bedienen, willen ze een miljoenenpubliek kunnen bereiken. Enkele weken geleden wist YouTube al een deal te sluiten met Apple, waardoor bezitters van een Apple TV de filmpjes van YouTube voortaan ook kunnen afspelen via hun televisie. Concurrent Joost wil de boot niet missen en voert achter de schermen gesprekken met hardwarefabrikanten om hun programma te integreren in settop-boxen. Of ook met Apple wordt gesproken is niet duidelijk.
De ambities van Joost reiken overigens verder dan de huiskamer. Mike Volpi, de nieuwe CEO, stelt dat Joost een stukje software is dat in principe ook ingebakken kan worden in mobiele telefoons en andere toestellen. Op dit moment verkeert Joost nog in een publieke bètafase. Verwacht wordt dat de dienst binnen nu en enkele weken officieel gelanceerd wordt.
http://www.joost.com
Online netwerken
Het handige van LinkedIn.com is dat u via via (vrienden, collega's) makkelijk in contact kan komen met mensen die u niet rechtstreeks kent, maar die u op een dag wel eens nodig kunt hebben. Alleen, hoé goed de banden zijn tussen uw collega en zijn kennis, dat maakt LinkedIn niet duidelijk. Concurrent Visible Path doet dat wel.
LinkedIn gooit al uw contacten (en hun contacten) als het ware op één hoop, waardoor het niet meer te achterhalen is hoe close bepaalde mensen met elkaar zijn. En dus is de kans reëel dat u op een bepaald moment iemand contacteert die - zelfs voor uw collega die als tussenpersoon fungeert - zo goed als een wildvreemde is. Terwijl het juist de bedoeling is dat er wél een goede band bestaat tussen alle schakels in de ketting. Dan kunt u tenminste écht aankloppen voor een gunst (of die droombaan) bij de persoon aan de andere kant van het netwerk.
Visible Path brengt de kwaliteit van de contacten zoals gezegd wél in kaart. De dienst doet dat onder meer via een plug-in voor Microsoft Outlook, die precies bijhoudt hoe intensief u met welke contactpersonen mailt, en ook hoe vaak er afspraken met die mensen in uw Outlook Agenda staan. Dat zegt volgens de bedenkers veel over de band tussen twee personen. Visible Path is nog bèta, maar op termijn wil de dienst zelfs rekening gaan houden met telefoon- en instant messenger-gesprekken om de intensiteit van relaties vast te stellen. Absoluut het proberen waard, al is Visible Path in deze opstartfase officieel alleen toegankelijk voor een beperkt aantal bedrijven. Maar wie zich desondanks toch inschrijft, zo stelden we vast, krijgt na enkele weken (per mail) ook gewoon toestemming om de dienst te gebruiken.
http://www.visiblepath.com
LinkedIn gooit al uw contacten (en hun contacten) als het ware op één hoop, waardoor het niet meer te achterhalen is hoe close bepaalde mensen met elkaar zijn. En dus is de kans reëel dat u op een bepaald moment iemand contacteert die - zelfs voor uw collega die als tussenpersoon fungeert - zo goed als een wildvreemde is. Terwijl het juist de bedoeling is dat er wél een goede band bestaat tussen alle schakels in de ketting. Dan kunt u tenminste écht aankloppen voor een gunst (of die droombaan) bij de persoon aan de andere kant van het netwerk.
Visible Path brengt de kwaliteit van de contacten zoals gezegd wél in kaart. De dienst doet dat onder meer via een plug-in voor Microsoft Outlook, die precies bijhoudt hoe intensief u met welke contactpersonen mailt, en ook hoe vaak er afspraken met die mensen in uw Outlook Agenda staan. Dat zegt volgens de bedenkers veel over de band tussen twee personen. Visible Path is nog bèta, maar op termijn wil de dienst zelfs rekening gaan houden met telefoon- en instant messenger-gesprekken om de intensiteit van relaties vast te stellen. Absoluut het proberen waard, al is Visible Path in deze opstartfase officieel alleen toegankelijk voor een beperkt aantal bedrijven. Maar wie zich desondanks toch inschrijft, zo stelden we vast, krijgt na enkele weken (per mail) ook gewoon toestemming om de dienst te gebruiken.
http://www.visiblepath.com
Twiigs poll
Zou u écht switchen naar een andere operator om een iPhone te kunnen bemachtigen? Welke Star Wars-film was nu eigenlijk de beste? Waar hebben medewerkers meer behoefte aan op hun werk? Het maakt niet uit met welke vraag u zit, op Twiigs.com kunt u er een poll rond opzetten waarna de hele wereld z'n mening over de kwestie kan geven.
Leuke concept, dat Twiigs.com. Leuk om te lezen wat anderen zich zoal afvragen (en hoe daar op gereageerd wordt), maar natuurlijk vooral een handige tool om eigenhandig een of meerdere stellingen aan een (enorm) groot publiek voor te leggen. Registreren is gratis, en vanaf dan kunt u de internetgemeenschap werkelijk het hemd van het lijf vragen waarbij u zelf bepaalt na hoeveel dagen de opiniepeiling afloopt. De polls zijn verdeeld over ruim twintig categorieën, maar u kunt ook meteen de recentste of meest populaire polls opvragen.
De antwoorden op bovenstaande vragen zijn overigens: 1) Ja, 41% verandert van operator voor een iPhone (32% niet, 25% twijfelt), 2) Episode V - The Empire Strikes Back is de beste Star Wars-film, en 3) Medewerkers willen vooral meer geld voor hun inspanningen (gevolgd door 'meer vakantie' en 'interessantere projecten').
En nog een voorbeeldje:
Leuke concept, dat Twiigs.com. Leuk om te lezen wat anderen zich zoal afvragen (en hoe daar op gereageerd wordt), maar natuurlijk vooral een handige tool om eigenhandig een of meerdere stellingen aan een (enorm) groot publiek voor te leggen. Registreren is gratis, en vanaf dan kunt u de internetgemeenschap werkelijk het hemd van het lijf vragen waarbij u zelf bepaalt na hoeveel dagen de opiniepeiling afloopt. De polls zijn verdeeld over ruim twintig categorieën, maar u kunt ook meteen de recentste of meest populaire polls opvragen.
De antwoorden op bovenstaande vragen zijn overigens: 1) Ja, 41% verandert van operator voor een iPhone (32% niet, 25% twijfelt), 2) Episode V - The Empire Strikes Back is de beste Star Wars-film, en 3) Medewerkers willen vooral meer geld voor hun inspanningen (gevolgd door 'meer vakantie' en 'interessantere projecten').
En nog een voorbeeldje:
maandag 25 juni 2007
Cannes Lions
Film Lions Ontdek ook de Dove spoof in het eerder verschenen artikel "Advertising 2.0", scrollen naar de cases onderaan!
Titanium and integrated Lions
Film Young Creatives
Network of the Year
Agency of the Year
Palme d'Or
Cyber Lions
Press Lions
Cyber Young Creatives
Print Young Creatives
Interactive Agency of the Year
Radio Lions
Outdoor Lions
Media Lions
Media Agency of the Year
Direct Lions
Promo Lions
Direct Agency of the Year
Titanium and integrated Lions
Film Young Creatives
Network of the Year
Agency of the Year
Palme d'Or
Cyber Lions
Press Lions
Cyber Young Creatives
Print Young Creatives
Interactive Agency of the Year
Radio Lions
Outdoor Lions
Media Lions
Media Agency of the Year
Direct Lions
Promo Lions
Direct Agency of the Year
dinsdag 19 juni 2007
Second Life is een flop
Second Life is een online rollenspel waarin de speler een tweede leven leidt. Je kan er je eigen figuurtje (of avatar) ontwerpen en ermee rondwandelen in een virtuele wereld, en zo andere deelnemers ontmoeten, een huis bouwen, een bedrijf opstarten, aandelen verhandelen en zelfs trouwen. Het concept heeft haar mede- en tegenstanders, maar laat weinig mensen neutraal.Op Second Life is er een virtuele economie waar de spelers geld kunnen verdienen. Zij doen dit door virtuele elementen te ontwerpen en te verkopen aan andere gebruikers, of door diensten te leveren aan de andere spelers. De verdiende 'Linden dollars' (het virtuele geld in Second Life) kunnen zij inwisselen in echte dollars op de website. Ondertussen kent de site haar eerste miljonair. De Chinese A. Chung, investeerde 10 cent en kocht virtuele grond, die ze verder ontwikkelde en verkocht of verhuurde. Haar imperium is sindsdien uitgegroeid tot een grote onderneming. Zij bezit er immers 36 km2 grond, verschillende winkelcentra en een omvangrijke aandelenportefeuille.
SL wordt vandaag vaak als reclamestunt misbruikt. Om de haverklap kondigen bedrijven of politici aan dat ze er ook aanwezig zijn. Een tweede kritiek op Second Life is de toegevoegde waarde van de site voor de gebruiker. Heel wat bezoekers lopen er verloren en stellen zich de vraag wat ze er precies mee moeten aanvangen.
De hype rond Second Life is echter fel overroepen. Linden Labs, de maker van Second Life, heeft voor het eerst cijfers gepubliceerd over het werkelijke aantal actieve gebruikers van deze virtuele wereld. En die vallen tegen. In totaal zijn er niet meet dan 6.330 actieve Belgische Second Life-gebruikers Eerdere schattingen in verschillende media gingen uit van meer dan 50.000 actieve gebruikers. België staat hiermee op de dertiende plaats van het aantal actieve gebruikers. In totaal zijn er wereldwijd 507.000 actieve gebruikers van Second Life. Een actieve gebruiker is een inwoner van Second Life die in een maand meer dan een uur was ingelogd . De cijfers die Linden Labs nu bekendmaakt, gaan over de maand mei . Amerika staat met 130.000 actieve gebruikers op de eerste plaats, gevolgd door Duitsland en Frankrijk. Zij wisselden in mei samen 6,8 miljoen Amerikaanse dollars in voor Linden-dollars, de munteenheid waarmee je in Second Life kunt betalen. Volgens de statistieken in mei was de totale omzet in echte Amerikaanse dollars nog net geen half miljoen: een besteding van iets minder dan een dollar per actieve gebruiker per maand.
Maar zou Second Life aan de basis kunnen liggen van een nieuwe (culturele) revolutie? Wat er bijzonder interessant aan is, is de interactie tussen de gebruikers. Toch een aangename ervaring. Stel u even voor dat u in de toekomst op elke website kunt communiceren met een avatar of een virtuele klantendienstmedewerker. U komt op een site (met uw eigen avatar) en een andere virtuele persoon verwelkomt u en begeleidt u tijdens uw bezoek van de site. Hij (of zij) opent nieuwe vensters, wijst u op de juiste hyperlinks, terwijl hij een gezellige chat (of video Skype) sessie met u heeft. Uw surfervaring wordt pas écht interactief, niet?
Online reclamebestedingen groeien met 64%
Volgens de IAB studie over de online reclamebestedingen 2006 (AdEx 2006) kenden de online reclamebestedingen in België in 2006 een groei van 64% ten opzichte van 2005, met een totaal bedrag van 72 miljoen Euro. Deze groei was eerder exponentieel, gaande van +49% in het eerste kwartaal van 2006 in vergelijking met dezelfde periode in 2005 tot +77% naar het einde van het jaar. 2007 belooft eveneens een voortreffelijk jaar te worden voor de wereld van de interactieve en digitale reclame.
De resultaten tonen aan dat Display Advertising (banners, buttons, skyscrapers, IMU’s, overlayers …) het meest gebruikte kanaal blijft met een aandeel van 79% van de totale investeringen. De daarop volgende formaten zijn Content Integration (8%) waarbij de adverteerder over een volledige rubriek van de website beschikt, en e-Mailing (7%).
Wel opletten: de verschillende in de studie voorgestelde formaten houden geen rekening met de cijfers van Google (Google geeft die niet vrij). De plaats van Keyword is hierdoor duidelijk ondergewaardeerd.
Portaalsites hebben een aandeel van 47% van de investeringen.
De meest gebruikte sites in België zijn de portaalsites. Zij vertegenwoordigen net niet de helft (47%) van de gemeten investeringen in 2006. Dit cijfer, dat toegenomen is in vergelijking met 2005, wordt verklaard door de komst van nieuwe adverteerders die de Internet media voor het eerst testen om met beperkte budgetten ruimere doelgroepen te bereiken.
De economische sectoren die het meest gebruik maken van online communicatie zijn de diensten (banken, verzekeringen, …) met 29% van de investeringen, gevolgd door de groep « cultuur, toerisme, vrije tijd, sport » (media, games, hotels, …) met 16%. De transportsector (auto industrie, luchtvervoer, …) staan op de 3e plaats (14%) net voor de telecomsector waarvan het relatief belang jaarlijks afneemt.
In 2006 hebben tal van adverteerders het Internet als nieuw communicatiemiddel getest. De studie toont aan dat het gemiddeld bestede budget voor deze testcampagnes 13 069 € bedraagt terwijl het gemiddeld budget van ‘echte’ campagnes 87 233 € bereikt. Het IAB verheugt zich over de in 2006 vastgestelde toename maar merkt op dat de door adverteerders aan het Internet bestede budgetten nog steeds veel lager liggen dan de aandacht die de consument aan het Internet geeft. Volgens EIAA neemt Internet immers 20% van de tijd van de consument in … volgens de Belgische studies is dit 1,6% (CIM MDB) tot 2,5% (IAB AdEx) van de mediabestedingen. Zelfs wanneer we het aan dit cijfer het deel gewijd aan de aankoop van keywords toevoegen, blijft het een duidelijke disproportie.
De resultaten tonen aan dat Display Advertising (banners, buttons, skyscrapers, IMU’s, overlayers …) het meest gebruikte kanaal blijft met een aandeel van 79% van de totale investeringen. De daarop volgende formaten zijn Content Integration (8%) waarbij de adverteerder over een volledige rubriek van de website beschikt, en e-Mailing (7%).
Wel opletten: de verschillende in de studie voorgestelde formaten houden geen rekening met de cijfers van Google (Google geeft die niet vrij). De plaats van Keyword is hierdoor duidelijk ondergewaardeerd.
Portaalsites hebben een aandeel van 47% van de investeringen.
De meest gebruikte sites in België zijn de portaalsites. Zij vertegenwoordigen net niet de helft (47%) van de gemeten investeringen in 2006. Dit cijfer, dat toegenomen is in vergelijking met 2005, wordt verklaard door de komst van nieuwe adverteerders die de Internet media voor het eerst testen om met beperkte budgetten ruimere doelgroepen te bereiken.
De economische sectoren die het meest gebruik maken van online communicatie zijn de diensten (banken, verzekeringen, …) met 29% van de investeringen, gevolgd door de groep « cultuur, toerisme, vrije tijd, sport » (media, games, hotels, …) met 16%. De transportsector (auto industrie, luchtvervoer, …) staan op de 3e plaats (14%) net voor de telecomsector waarvan het relatief belang jaarlijks afneemt.
In 2006 hebben tal van adverteerders het Internet als nieuw communicatiemiddel getest. De studie toont aan dat het gemiddeld bestede budget voor deze testcampagnes 13 069 € bedraagt terwijl het gemiddeld budget van ‘echte’ campagnes 87 233 € bereikt. Het IAB verheugt zich over de in 2006 vastgestelde toename maar merkt op dat de door adverteerders aan het Internet bestede budgetten nog steeds veel lager liggen dan de aandacht die de consument aan het Internet geeft. Volgens EIAA neemt Internet immers 20% van de tijd van de consument in … volgens de Belgische studies is dit 1,6% (CIM MDB) tot 2,5% (IAB AdEx) van de mediabestedingen. Zelfs wanneer we het aan dit cijfer het deel gewijd aan de aankoop van keywords toevoegen, blijft het een duidelijke disproportie.
vrijdag 15 juni 2007
Advertising 2.0: de consument aan de macht
Enkele interessante inzichten, gehoord op de laatste IAB Academy:
De traditionele consument is hybride geworden, moeilijk te vangen. Aankoopbeslissingen worden zowat overal genomen. In het winkelpunt, maar ook op de website van de fabrikant of via reviews op internetforums, soms op internationale sites. Hoe moet je die consument vatten?
Historische flow: Vòòr de introductie van reclametechnieken was er mond tot mond reclame … aan de snelheid van het paard. Toen was er reclame op televisie, de kracht van massamedia, de magische verkoopformule was geboren! Maar, toen kwam het internet … en de nood aan een nieuwe formule.
In slechts 40 jaar tijd werden consumenten gebombardeerd met duizenden nieuwe mediakeuzes. Voor adverteerders wordt het steeds moeilijker om de doelgroep op een effectieve manier te bereiken.
De oude magische formule legt de nadruk op KWANTITEIT, een zo groot mogelijk bereik is cruciaal. Op de adoptie/innovatiecurve, betekent dit dat we ons met massamedia richten naar de grote middenmoot, de zogenaamde ‘early & late majority’.

In de nieuwe formule kijken we eerder naar de WAARDE van de consument. Die is erg groot bij de ‘innovators’ en ‘early adopters’ en neemt af bij de early & late majority.

Bij internet communicatie moeten we ons richten naar de eerste groep van innovators en early adopters. Zij zullen onze communicatie verzorgen, viraal. De meerderheid zal het van de vorige groep overnemen.
Bekijken we dit op de activatiepiramide dan zien we dat een kleine groep creators de boodschap lanceren, communicators verspreiden ze en receivers vangen de informatie op, maar doen er verder niets meer mee. De oude marketing communicatie richt zich op de receivers, de nieuwe communicatiemethode richt zich naar de creators en communicators.
Voegen we deze 2 grafieken in elkaar, dan onstaat een soort van voetbalstadion.

De brand lovers zitten duidelijk aan de linkerkant. Zij communiceren als eerste hun liefde voor een merk. De early adopters worden fan van het merk en verspreiden de boodschap naar een grote groep die neutraal staat ten opzichte van het merk. MAAR, de piramide werkt ook in de tegenovergestelde richting! Aan de rechterkant staan de brand haters. Zij haten een merk zo erg dat ze niet zullen nalaten er negatief over te communiceren. De sceptici pikken dit op en verspreiden de boodschap aan een grote groep neutralen.
Voor marketeers is de taak weggelegd om brand equity op te bouwen bij een groepje sterk betrokken brandlovers, opiniemakers motiveren om positief over je product te communiceren. De impact is niet voorspelbaar, noch positief noch negatief. Het komt erop aan om tijdig te weten te komen wat er over je product wordt gecommuniceerd en hierop een goed antwoord te formuleren.
McKinsey adviseert z’n klanten om 20% van het jaarlijkse marketingbudget NIET toe te wijzen, precies om speciale activiteiten en gebeurtenissen op te vangen. Het is gewoon een feit: consumenten nemen de macht over. Mond tot mond reclame is opieuw de regel, alleen niet langer met de snelheid van het paard maar met die van een raket!
Enkele voorbeelden uit de praktijk:
Lynx Towelboy (Axe in de UK): http://www.lynxboost.com/ Aan alles werd gedacht om een virale hit van te maken zoals een weblog met video's (uiteraard voorzien van script zodat je de video's ook op je eigen blog kunt plaatsen), een online spel, een manwash-locator en ander stuff (zoals backgrounds en emoticons). De bedenkers zijn ook Google Video en YouTube niet vergeten. Voor Katrina, Dizzy, Mia en Sophia, de vriendinnen van towelboy, zijn zelfs MySpace-accounts aangemaakt. Als klap op de vuurpijl kun je ook je eigen 'manwash-video' insturen waarmee je kans maakt op een prive onderonsje met de vriendinnen van towelboy.
Dove: effectiever op YouTube dan bij Superbowl
Daar de reclamefilm Dove Evolution wel 15 keer op YouTube is gezet, is het wat moeilijk om het aantal vertoningen te tellen, maar opgeteld kom je tot 1,7 miljoen. Dat is een geweldig succes voor de campagne van Unilever, veroorzaakt door een geweldig idee van Ogilvy & Mather om je af te zetten tegen het morbide najagen van schoonheidsidealen. Maar nu blijkt deze 'campaign for Real Beauty' op internet een stuk effectiever dan op televisie. Er is een enorme toeloop op gang gekomen naar CampaignForRealBeauty.com, veel meer door YouTube en de nawerking daarvan in onder meer kletsshows op televisie dan door het vertonen van de spot tijdens het kijkcijfertoppunt in de VS: de Superbowl. De laatste gaf 90 miljoen impressies, de rest eromheen 400 miljoen impressies. Maar het is nog niet afgelopen. Unilever heeft als doel om een miljoen meiden te gaan helpen met hun uiterlijk via het Dove Self-Esteem Fund"om het zelfvertrouwen van meiden en vrouwen te helpen vergroten. Intelligent gedaan, door gewoon eens te kijken wat er werkelijk leeft aan 'schoonheidsidealen'.
Kijk ook eens hoe een consument hierop reageert: www.campaignagainstreallife.com
Coca-Cola & Mentos: leuke case en bovendien dé internet zomerhit van 2006: Fritz Grobe en Stephen Voltz filmden hoe ze Mentos-snoepjes chemisch laten reageren met Cola Light en hoe ze de spuitende flessen een heus kunststukje uit laten voeren. Zonder reclamebestedingen en promotie van noch Mentos, noch Coca-Cola ontpopt het 5 minuten durende filmpje zich tot een zomerhit op internet. Geen van beide bedrijven was betrokken bij de totstandkoming van de videoclip. Het gaat om een particulier initiatief. Het mengen van cola en zoete snoepjes om flessen te laten spuiten, is met name in Amerika al jaren een bekende bezigheid. Maar naarmate digitale videocamera's goedkoper worden en er videodeelsites als Revver, YouTube en Google Video verschijnen, wordt ook het mondiaal publiceren van video's goedkoop. Coca-Cola reageerde saaiweg door een belerend persbericht uit te sturen met de boodschap dat kliederen met voeding eigenlijk ongepast is. Mentos juichte de producenten van de filmpjes toe en stimuleerde de consument om filmpjes met het experiment in te sturen voor een wedstrijd. Op Google Video staan 159 andere filmpjes met Cola- en Mentos-geklieder, op YouTube staan 290 amateurfilmpjes. De initiators zie je aan het werk op: http://www.eepybird.com
Sony heeft heel wat fans teleurgesteld met de lancering van de dure Playstation 3. Dit inspireerde een consument tot het schrijven van een 'ode aan Sony' gebaseerd op The Frey. 'How you killed your brand' werd een hit op Youtube.
De traditionele consument is hybride geworden, moeilijk te vangen. Aankoopbeslissingen worden zowat overal genomen. In het winkelpunt, maar ook op de website van de fabrikant of via reviews op internetforums, soms op internationale sites. Hoe moet je die consument vatten?
Historische flow: Vòòr de introductie van reclametechnieken was er mond tot mond reclame … aan de snelheid van het paard. Toen was er reclame op televisie, de kracht van massamedia, de magische verkoopformule was geboren! Maar, toen kwam het internet … en de nood aan een nieuwe formule.
In slechts 40 jaar tijd werden consumenten gebombardeerd met duizenden nieuwe mediakeuzes. Voor adverteerders wordt het steeds moeilijker om de doelgroep op een effectieve manier te bereiken.
De oude magische formule legt de nadruk op KWANTITEIT, een zo groot mogelijk bereik is cruciaal. Op de adoptie/innovatiecurve, betekent dit dat we ons met massamedia richten naar de grote middenmoot, de zogenaamde ‘early & late majority’.
In de nieuwe formule kijken we eerder naar de WAARDE van de consument. Die is erg groot bij de ‘innovators’ en ‘early adopters’ en neemt af bij de early & late majority.
Bij internet communicatie moeten we ons richten naar de eerste groep van innovators en early adopters. Zij zullen onze communicatie verzorgen, viraal. De meerderheid zal het van de vorige groep overnemen.
Voegen we deze 2 grafieken in elkaar, dan onstaat een soort van voetbalstadion.
De brand lovers zitten duidelijk aan de linkerkant. Zij communiceren als eerste hun liefde voor een merk. De early adopters worden fan van het merk en verspreiden de boodschap naar een grote groep die neutraal staat ten opzichte van het merk. MAAR, de piramide werkt ook in de tegenovergestelde richting! Aan de rechterkant staan de brand haters. Zij haten een merk zo erg dat ze niet zullen nalaten er negatief over te communiceren. De sceptici pikken dit op en verspreiden de boodschap aan een grote groep neutralen.
Voor marketeers is de taak weggelegd om brand equity op te bouwen bij een groepje sterk betrokken brandlovers, opiniemakers motiveren om positief over je product te communiceren. De impact is niet voorspelbaar, noch positief noch negatief. Het komt erop aan om tijdig te weten te komen wat er over je product wordt gecommuniceerd en hierop een goed antwoord te formuleren.
McKinsey adviseert z’n klanten om 20% van het jaarlijkse marketingbudget NIET toe te wijzen, precies om speciale activiteiten en gebeurtenissen op te vangen. Het is gewoon een feit: consumenten nemen de macht over. Mond tot mond reclame is opieuw de regel, alleen niet langer met de snelheid van het paard maar met die van een raket!
Enkele voorbeelden uit de praktijk:
Lynx Towelboy (Axe in de UK): http://www.lynxboost.com/ Aan alles werd gedacht om een virale hit van te maken zoals een weblog met video's (uiteraard voorzien van script zodat je de video's ook op je eigen blog kunt plaatsen), een online spel, een manwash-locator en ander stuff (zoals backgrounds en emoticons). De bedenkers zijn ook Google Video en YouTube niet vergeten. Voor Katrina, Dizzy, Mia en Sophia, de vriendinnen van towelboy, zijn zelfs MySpace-accounts aangemaakt. Als klap op de vuurpijl kun je ook je eigen 'manwash-video' insturen waarmee je kans maakt op een prive onderonsje met de vriendinnen van towelboy.
Dove: effectiever op YouTube dan bij Superbowl
Daar de reclamefilm Dove Evolution wel 15 keer op YouTube is gezet, is het wat moeilijk om het aantal vertoningen te tellen, maar opgeteld kom je tot 1,7 miljoen. Dat is een geweldig succes voor de campagne van Unilever, veroorzaakt door een geweldig idee van Ogilvy & Mather om je af te zetten tegen het morbide najagen van schoonheidsidealen. Maar nu blijkt deze 'campaign for Real Beauty' op internet een stuk effectiever dan op televisie. Er is een enorme toeloop op gang gekomen naar CampaignForRealBeauty.com, veel meer door YouTube en de nawerking daarvan in onder meer kletsshows op televisie dan door het vertonen van de spot tijdens het kijkcijfertoppunt in de VS: de Superbowl. De laatste gaf 90 miljoen impressies, de rest eromheen 400 miljoen impressies. Maar het is nog niet afgelopen. Unilever heeft als doel om een miljoen meiden te gaan helpen met hun uiterlijk via het Dove Self-Esteem Fund"om het zelfvertrouwen van meiden en vrouwen te helpen vergroten. Intelligent gedaan, door gewoon eens te kijken wat er werkelijk leeft aan 'schoonheidsidealen'.
Kijk ook eens hoe een consument hierop reageert: www.campaignagainstreallife.com
Coca-Cola & Mentos: leuke case en bovendien dé internet zomerhit van 2006: Fritz Grobe en Stephen Voltz filmden hoe ze Mentos-snoepjes chemisch laten reageren met Cola Light en hoe ze de spuitende flessen een heus kunststukje uit laten voeren. Zonder reclamebestedingen en promotie van noch Mentos, noch Coca-Cola ontpopt het 5 minuten durende filmpje zich tot een zomerhit op internet. Geen van beide bedrijven was betrokken bij de totstandkoming van de videoclip. Het gaat om een particulier initiatief. Het mengen van cola en zoete snoepjes om flessen te laten spuiten, is met name in Amerika al jaren een bekende bezigheid. Maar naarmate digitale videocamera's goedkoper worden en er videodeelsites als Revver, YouTube en Google Video verschijnen, wordt ook het mondiaal publiceren van video's goedkoop. Coca-Cola reageerde saaiweg door een belerend persbericht uit te sturen met de boodschap dat kliederen met voeding eigenlijk ongepast is. Mentos juichte de producenten van de filmpjes toe en stimuleerde de consument om filmpjes met het experiment in te sturen voor een wedstrijd. Op Google Video staan 159 andere filmpjes met Cola- en Mentos-geklieder, op YouTube staan 290 amateurfilmpjes. De initiators zie je aan het werk op: http://www.eepybird.com
Sony heeft heel wat fans teleurgesteld met de lancering van de dure Playstation 3. Dit inspireerde een consument tot het schrijven van een 'ode aan Sony' gebaseerd op The Frey. 'How you killed your brand' werd een hit op Youtube.
Kuddegedrag
Een onderzoeker van de Princeton universiteit onderzocht hoe consumenten reageerden als ze geïnformeerd werden over de verkoop van producten. Daarvoor werd gebruik gemaakt van RFID, oftewel ‘radio frequency identification’. Via radiogolven werd aan een centrale computer doorgestuurd welke producten uit de rekken verdwenen. Bij de producten zelf kwam dan op een display te staan welke producten die dag het meest werden verkocht. Drie keer raden hoe de consument daarop reageerde… Juist ja, door het meest verkochte product ook te kopen…
In Japan wordt dit concept in sommige winkelketens intussen gebruikt om het verkoopscijfer te doen stijgen. Met succes…
In Japan wordt dit concept in sommige winkelketens intussen gebruikt om het verkoopscijfer te doen stijgen. Met succes…
donderdag 14 juni 2007
Clint.be
Je hebt tijdens de verkiezingen ongetwijfeld wel de affiches opgemerkt waarin Clint.be de bijzittende burger opriep om aan zijn plicht te verzaken. Clint.be is de naam van de nieuwe mannensite van Think Media waarvoor Paratel de regie zal verzorgen.
Clint.be richt zich tot de ‘Vlaamse man van 18 – 44 jaar’. Mannensite betekent in de praktijk voornamelijk rubrieken die naar het schijnt aan de mannelijke bevolking appelleren zoals daar zijn technologie, seks, film, muziek en andere babes. En dat doet een beetje denken aan Zattevrienden.be, dat overigens ook in portfolio zit van Paratel.
Clint.be zegt dat het in de eerste week van zijn lancering (sinds 4 juni) op een week 14.000 unieke bezoekers telde.
Clint.be richt zich tot de ‘Vlaamse man van 18 – 44 jaar’. Mannensite betekent in de praktijk voornamelijk rubrieken die naar het schijnt aan de mannelijke bevolking appelleren zoals daar zijn technologie, seks, film, muziek en andere babes. En dat doet een beetje denken aan Zattevrienden.be, dat overigens ook in portfolio zit van Paratel.
Clint.be zegt dat het in de eerste week van zijn lancering (sinds 4 juni) op een week 14.000 unieke bezoekers telde.
dinsdag 12 juni 2007
VMMa sites met nieuwe vorm van videoads
De internetsites van drie Vlaamse tv-kanalen VTM, KanaalTwee en JIM zullen vanaf juli nieuwe vormen van videoadvertenties tonen. Het gaat om kleine interactieve uitingen. De VMMA bespreekt op dit moment de advertentiemogelijkheden met Coca-Cola, Telenet, Playstation en Brussels Airlines. Het bedrijf dat verantwoordelijk is voor deze online videoadvertenties is het vorig jaar opgerichte Adjustables, dat haar advertentietechnologie eind mei op de markt bracht. Kleine interactieve elementen die verschijnen tijdens het afspelen van een video, zijn volgens Jan van Ottele, CEO van Adjustables het alternatief voor de bestaande advertentievormen. Van Ottele laat als voorbeeld een klein ronddraaiend coca-cola blikje zien dat rechtsbovenin een video verschijnt. "Maar dat kan ook een rechte balk onderin zijn. " Tijdens een programma kunnen op verschillende momenten uitingen verschijnen. "Dat bepaalt een site-eigenaar samen met een adverteerder,".
Consument kiest altijd de middelste
Consumenten kiezen meestal voor het compromis. Als ze mogen kiezen tussen een iPod met 2, 4 of 8 GB aan geheugen kiezen ze de middelste. En als een fastfoodketen een triple-cheeseburger aan het assortiment toevoegt, gaat de double-cheeseburger ineens veel beter lopen. Dat blijkt uit onderzoek van Robert Rooderkerk die promoveert aan de Universiteit van Tilburg. Consumenten kopen hierdoor vaak een duurder of groter product dan ze eigenlijk nodig hebben. Vooral Media Markt maakt sterk gebruik van deze stelling, aldus Rooderkerk: 'Daar zag je het heel sterk. Er lagen mp3-spelers van 128, 256 en 512 MB. De mp3-spelers met 256 MB kregen veel meer ruimte in het schap en de voorraad was veel groter. Je ziet het ook bij iPod. De variant met 4 GB is in vier kleuren te verkrijgen, terwijl de andere twee, met 2 en 8 GB, maar in één kleur worden geleverd.' De Amerikaanse regering zou deze wetenschap goed kunnen gebruiken bij het bestrijden van obesitas, blijkt uit onderzoek. Ze zou fast-foodketens en frisdrankfabrikanten kunnen bewegen kleinere verpakkingen in het assortiment op te nemen. Nu verkoopt Burger King bijvoorbeeld bekers cola in medium, large en extra large. Als ze daarnaast een small-formaat in het assortiment opnemen, kiezen consumenten eerder voor medium.
The Long Tail
De 'lange staart' is een begrip dat wordt gebruikt om een grote hoeveelheid aanbod te beschrijven dat slechts een klein publiek of een niche dient, maar gezamenlijk een groter marktpotentieel heeft dan de marktleider op zich.
Het begrip Long Tail werd als eerste uitgebreid geïntroduceerd door Chris Anderson in een artikel in Wired Magazine uit oktober 2004 om bepaalde economische modellen te beschrijven van winkels als Amazon.com of Bol.com. Zijn artikel resulteerde in een boek uit 2006: The Long Tail: Why the Future of Business is Selling Less of More (letterlijk: De Lange Staart: Waarom de toekomst van zaken doen minder verkopen is van meer). In essentie komt zijn theorie er op neer dat producten die maar weinig afnemers hebben of waar weinig vraag naar is gezamenlijk een groter deel van de markt kunnen innemen dan de grote 'hits' in de industrie, zolang de winkel of het distributiekanaal maar groot genoeg is.
Het internet is een van de ideale kanalen voor long-tail gerelateerde producten, aangezien er geen beperking is op het aantal 'schappen' of 'kasten'. Een Amazon-medewerker omschreef de long tail als volgt: "We verkopen vandaag meer boeken die gisteren niet liepen, dan dat we vandaag boeken verkopen die gisteren een succes waren".
Voorbeelden van media die veel Long Tail-inhoud hebben zitten vaak in de hoek van User-generated content, zoals Flickr en Youtube.
Ook binnen de meer traditionele media, zoals televisie en radio, is het begrip long tail in toenemende mate relevant. Met de opkomst van internettelevisie is het mogelijk geworden specifieke thema-kanalen op de markt te zetten. Hiermee wordt per kanaal slechts een kleine doelgroep bereikt, maar alle themakanalen bij elkaar hebben meer kijkers dan de grootste zenders alleen.
Het begrip Long Tail werd als eerste uitgebreid geïntroduceerd door Chris Anderson in een artikel in Wired Magazine uit oktober 2004 om bepaalde economische modellen te beschrijven van winkels als Amazon.com of Bol.com. Zijn artikel resulteerde in een boek uit 2006: The Long Tail: Why the Future of Business is Selling Less of More (letterlijk: De Lange Staart: Waarom de toekomst van zaken doen minder verkopen is van meer). In essentie komt zijn theorie er op neer dat producten die maar weinig afnemers hebben of waar weinig vraag naar is gezamenlijk een groter deel van de markt kunnen innemen dan de grote 'hits' in de industrie, zolang de winkel of het distributiekanaal maar groot genoeg is.Het internet is een van de ideale kanalen voor long-tail gerelateerde producten, aangezien er geen beperking is op het aantal 'schappen' of 'kasten'. Een Amazon-medewerker omschreef de long tail als volgt: "We verkopen vandaag meer boeken die gisteren niet liepen, dan dat we vandaag boeken verkopen die gisteren een succes waren".
Voorbeelden van media die veel Long Tail-inhoud hebben zitten vaak in de hoek van User-generated content, zoals Flickr en Youtube.
Ook binnen de meer traditionele media, zoals televisie en radio, is het begrip long tail in toenemende mate relevant. Met de opkomst van internettelevisie is het mogelijk geworden specifieke thema-kanalen op de markt te zetten. Hiermee wordt per kanaal slechts een kleine doelgroep bereikt, maar alle themakanalen bij elkaar hebben meer kijkers dan de grootste zenders alleen.
maandag 11 juni 2007
Internetverkoop piekt
De internetverkoop verdubbelde van 339 miljoen euro in 2005 tot 675 miljoen euro in 2006 in België. Dat maakt BeCommerce bekend.
Na een uitmuntend jaar 2006, waarin een stijging van 99% van de onlineverkopen werd geregistreerd, blijken ook de eerste kwartaalresultaten voor 2007 veelbelovend. De Belgische ondernemers noteerden de eerste drie maanden van 2007 gemiddeld 77 procent meer verkoop via internet dan het voorgaande jaar. Steeds meer mensen zijn vertrouwd met het kopen van dagelijkse goederen en diensten in online shops, of het nu gaat over reizen, kleding, tickets, huishoudapparaten of DVD's. De Belgische e-commerce sector verwacht ook voor het hele jaar 2007 opnieuw een verdubbeling van de online omzet. Vandaag hebben bijna drie miljoen Belgen ervaring met online kopen - bijna een half miljoen meer dan een jaar geleden. Samen spendeerden zij in 2006 naar schatting ruim twee miljard euro op het net. België maakt een spectaculaire inhaalbeweging op de buurlanden.
Na een uitmuntend jaar 2006, waarin een stijging van 99% van de onlineverkopen werd geregistreerd, blijken ook de eerste kwartaalresultaten voor 2007 veelbelovend. De Belgische ondernemers noteerden de eerste drie maanden van 2007 gemiddeld 77 procent meer verkoop via internet dan het voorgaande jaar. Steeds meer mensen zijn vertrouwd met het kopen van dagelijkse goederen en diensten in online shops, of het nu gaat over reizen, kleding, tickets, huishoudapparaten of DVD's. De Belgische e-commerce sector verwacht ook voor het hele jaar 2007 opnieuw een verdubbeling van de online omzet. Vandaag hebben bijna drie miljoen Belgen ervaring met online kopen - bijna een half miljoen meer dan een jaar geleden. Samen spendeerden zij in 2006 naar schatting ruim twee miljard euro op het net. België maakt een spectaculaire inhaalbeweging op de buurlanden.
Consumer Generated Content
Er zijn nogal wat "buzz words" voor hetzelfde fenomeen, van social media over consumer generated content of user generated content tot en met web 2.0. De expertgroep Communicatie van Stichting Marketing organiseerde er een avond over.
Op dinsdagavond 22 mei was "Consumer Generated Content: Heaven or Hell?" het thema van de bijeenkomst van de expertgroep. Na de introductie door Guy Geerts, managing director Darwin BBDO, stak Niels Hendriks, docent webcommunicatie aan de Katholieke Hogeschool Limburg, van wal met een algemeen kader over User Generated Content. Er zijn nogal wat "buzz words" voor hetzelfde fenomeen, van social media over consumer generated content of user generated content tot en met web 2.0. "Alle vertegenwoordigen ze 'participatory online environments'," vatte Niels Hendriks samen. Goedkope, verstaanbare en snelle software en hardware inspireerden de Generation C - voor Connected, Creativity, Collaboration en Contextual - om zich bloot te geven op het net. Het netwerkeffect van een democratische verspreiding van persoonlijke output is maar net gestart. De nieuwe media vinden hun taal nog uit. Voor merkenbouwers en -bewakers is deze (r)evolutie cruciaal: consumenten ventileren hun liefde of haat voor een merk openlijk op het net. De oplossing volgens Niels Hendriks? Monitor de internauten. Neem actief deel aan de conversatie. Maak die conversatie zo interessant mogelijk: luister en praat in een eerlijke, zelfbewuste maar vooral menselijke taal, zonder te vervallen in "corporate" of "marketing speak".
Op dinsdagavond 22 mei was "Consumer Generated Content: Heaven or Hell?" het thema van de bijeenkomst van de expertgroep. Na de introductie door Guy Geerts, managing director Darwin BBDO, stak Niels Hendriks, docent webcommunicatie aan de Katholieke Hogeschool Limburg, van wal met een algemeen kader over User Generated Content. Er zijn nogal wat "buzz words" voor hetzelfde fenomeen, van social media over consumer generated content of user generated content tot en met web 2.0. "Alle vertegenwoordigen ze 'participatory online environments'," vatte Niels Hendriks samen. Goedkope, verstaanbare en snelle software en hardware inspireerden de Generation C - voor Connected, Creativity, Collaboration en Contextual - om zich bloot te geven op het net. Het netwerkeffect van een democratische verspreiding van persoonlijke output is maar net gestart. De nieuwe media vinden hun taal nog uit. Voor merkenbouwers en -bewakers is deze (r)evolutie cruciaal: consumenten ventileren hun liefde of haat voor een merk openlijk op het net. De oplossing volgens Niels Hendriks? Monitor de internauten. Neem actief deel aan de conversatie. Maak die conversatie zo interessant mogelijk: luister en praat in een eerlijke, zelfbewuste maar vooral menselijke taal, zonder te vervallen in "corporate" of "marketing speak".
vrijdag 8 juni 2007
Belg surft één dag op de twee
ComScore, dat eerder al peilde naar het internetgebruik in de VS en de grote Europese landen, maakte gisteren de resultaten bekend van zijn eerste pan-Europese onderzoek. Dat omvat gegevens uit vijftien West-Europese landen plus Rusland, die werden verzameld in de loop van de maand april.
In die zestien landen telde ComScore op een doorsneedag 122 miljoen internetgebruikers van vijftien jaar of ouder, meer dan de 114 miljoen gebruikers uit de VS. Gemiddeld zit een Europeaan 16,5 dagen per maand op het net, tegenover bijna 22 voor de gemiddelde Amerikaan. De Europeanen komen aan 24 uur internetgebruik per maand -bij de Amerikanen is dat ruim 31 uur, of bijna een derde meer. Maar net als op heel wat andere domeinen zijn er ook voor internetgebruik grote verschillen tussen de Europese landen onderling.
Voor België valt vooral op dat we relatief gematigde internetgebruikers zijn.
Qua internetpenetratie zitten we volgens de studie in de middenmoot. Van de Belgische gezinnen beschikt 54% over een verbinding. Onze noorderburen spannen de kroon met een penetratiegraad van 83%. Ook de Scandinavische landen scoren goed, met 65 à 70%. Hoe zuidelijker je in Europa gaat, hoe minder populair het internet is, zo lijkt het wel: Italië, Spanje en Portugal zitten rond de 40%. Ook Frankrijk en Duitsland hebben minder verbindingen per hoofd van de bevolking.
In absolute cijfers is Duitsland het grootste Europese internetland, met ruim 32 miljoen unieke gebruikers per maand. Daarna komt Frankrijk met ruim 25 miljoen. In heel Europa telde ComScore ruim 221 miljoen unieke gebruikers, 41% meer dan in de VS.
De meest 'actieve' surfers vind je in het Verenigd Koninkrijk, waar gebruikers gemiddeld 21 dagen per maand online te vinden zijn, of ruim 34 uur per maand. Daaruit kan je ook afleiden dat een gemiddelde Britse 'surfdag' ongeveer 100 minuten telt. De minst gretige gebruikers zijn de Oostenrijkers, met slechts 12 dagen en 16,3 uren per maand. Ook België scoort onder het Europese gemiddelde. We zijn elke maand 15,5 dagen en 20,6 uren op het web te vinden. Dat betekent dat een dagelijkse sessie bij ons zowat 80 minuten telt.
Een andere graadmeter van de activiteit op het net is het aantal bekeken webpagina's per maand. Hier zijn het de Zweden die de kroon spannen, met ruim 4.000 pagina's.
De gemiddelde Belgische surfer klikt in één maand zowat 2.400 webpagina's aan, iets minder dan het Europese gemiddelde van 2.662. De Russen blijken de minst nieuwsgierige surfers, met slechts 1.695 bezochte webpagina's.
ComScore ging ook na welke bedrijven eigenaar zijn van de drukst bezochte websites. De opvallendste vaststelling hier is dat Google in bijna alle Europese landen op één staat, gevolgd door Microsoft. Als je heel Europa bekijkt, is Yahoo de nummer drie.
Opmerkelijk, want in de VS is de toestand helemaal anders: daar is Yahoo nog steeds het 'grootste' internetbedrijf naar aantal bezoekers, en staat Google pas op drie. Time Warner, de eigenaar van de CNN-website, stond in april op de tweede plaats in de VS.
De derde plaats wordt in enkele Europese landen ingenomen door de e-commerce-site eBay of door Yahoo. Meestal vinden we daar echter lokale spelers. Het kan dan gaan om grote internetaanbieders (zoals Belgacom met de portaalsite van Skynet), maar ook om mediabedrijven zoals de Scandinavische groepen Sanoma en Aftonbladet.
In die zestien landen telde ComScore op een doorsneedag 122 miljoen internetgebruikers van vijftien jaar of ouder, meer dan de 114 miljoen gebruikers uit de VS. Gemiddeld zit een Europeaan 16,5 dagen per maand op het net, tegenover bijna 22 voor de gemiddelde Amerikaan. De Europeanen komen aan 24 uur internetgebruik per maand -bij de Amerikanen is dat ruim 31 uur, of bijna een derde meer. Maar net als op heel wat andere domeinen zijn er ook voor internetgebruik grote verschillen tussen de Europese landen onderling.
Voor België valt vooral op dat we relatief gematigde internetgebruikers zijn.
Qua internetpenetratie zitten we volgens de studie in de middenmoot. Van de Belgische gezinnen beschikt 54% over een verbinding. Onze noorderburen spannen de kroon met een penetratiegraad van 83%. Ook de Scandinavische landen scoren goed, met 65 à 70%. Hoe zuidelijker je in Europa gaat, hoe minder populair het internet is, zo lijkt het wel: Italië, Spanje en Portugal zitten rond de 40%. Ook Frankrijk en Duitsland hebben minder verbindingen per hoofd van de bevolking.
In absolute cijfers is Duitsland het grootste Europese internetland, met ruim 32 miljoen unieke gebruikers per maand. Daarna komt Frankrijk met ruim 25 miljoen. In heel Europa telde ComScore ruim 221 miljoen unieke gebruikers, 41% meer dan in de VS.
De meest 'actieve' surfers vind je in het Verenigd Koninkrijk, waar gebruikers gemiddeld 21 dagen per maand online te vinden zijn, of ruim 34 uur per maand. Daaruit kan je ook afleiden dat een gemiddelde Britse 'surfdag' ongeveer 100 minuten telt. De minst gretige gebruikers zijn de Oostenrijkers, met slechts 12 dagen en 16,3 uren per maand. Ook België scoort onder het Europese gemiddelde. We zijn elke maand 15,5 dagen en 20,6 uren op het web te vinden. Dat betekent dat een dagelijkse sessie bij ons zowat 80 minuten telt.
Een andere graadmeter van de activiteit op het net is het aantal bekeken webpagina's per maand. Hier zijn het de Zweden die de kroon spannen, met ruim 4.000 pagina's.
De gemiddelde Belgische surfer klikt in één maand zowat 2.400 webpagina's aan, iets minder dan het Europese gemiddelde van 2.662. De Russen blijken de minst nieuwsgierige surfers, met slechts 1.695 bezochte webpagina's.
ComScore ging ook na welke bedrijven eigenaar zijn van de drukst bezochte websites. De opvallendste vaststelling hier is dat Google in bijna alle Europese landen op één staat, gevolgd door Microsoft. Als je heel Europa bekijkt, is Yahoo de nummer drie.
Opmerkelijk, want in de VS is de toestand helemaal anders: daar is Yahoo nog steeds het 'grootste' internetbedrijf naar aantal bezoekers, en staat Google pas op drie. Time Warner, de eigenaar van de CNN-website, stond in april op de tweede plaats in de VS.
De derde plaats wordt in enkele Europese landen ingenomen door de e-commerce-site eBay of door Yahoo. Meestal vinden we daar echter lokale spelers. Het kan dan gaan om grote internetaanbieders (zoals Belgacom met de portaalsite van Skynet), maar ook om mediabedrijven zoals de Scandinavische groepen Sanoma en Aftonbladet.
Een site vol citaten
Met een goedgekozen citaat kunt u een presentatie heel wat kracht bijzetten. Op Quotiki.com barst het werkelijk van de uitspraken, met als belangrijke troef een zoekfunctie die u in een handomdraai een lijstje met toepasselijke quotes oplevert.
Heeft u moeite om een keuze te maken uit de zoekresultaten? Ga dan af op het oordeel van de andere gebruikers van Quotiki.com die, geheel in Web 2.0-stijl gezamenlijk bepalen welke citaten de meeste impact hebben. "Citaten zijn uiteindelijk niet meer dan inspiratie voor de ongeïnspireerden", om het maar eens met een quote over quotes te zeggen...
Ook nog handig op Quotiki.com zijn de mogelijkheid om te zoeken op personen (wat zijn bijvoorbeeld de bekendste uitspraken van Mahatma Gandhi?) en de persoonlijke verzameling van citaten die u kunt aanleggen.
http://www.quotiki.com
Heeft u moeite om een keuze te maken uit de zoekresultaten? Ga dan af op het oordeel van de andere gebruikers van Quotiki.com die, geheel in Web 2.0-stijl gezamenlijk bepalen welke citaten de meeste impact hebben. "Citaten zijn uiteindelijk niet meer dan inspiratie voor de ongeïnspireerden", om het maar eens met een quote over quotes te zeggen...
Ook nog handig op Quotiki.com zijn de mogelijkheid om te zoeken op personen (wat zijn bijvoorbeeld de bekendste uitspraken van Mahatma Gandhi?) en de persoonlijke verzameling van citaten die u kunt aanleggen.
http://www.quotiki.com
Betaalde videodownloads hebben geen toekomst
Dat staat te lezen in een zopas verschenen rapport van Forrester Research. Dit jaar zal de markt van betaalde videodownloads evenwel nog uitermate lucratief zijn, zo voorspelt de marktvorser, met een opbrengst van 279 miljoen dollar, tegenover 98 miljoen dollar in 2006. Maar vanaf 2008 zal de groei sterk afnemen, en zal de consument steeds vaker zijn toevlucht gaan nemen tot de films en tv-programma's die gratis worden aangeboden, onder meer via diensten als Joost. Dat die programma's soms onderbroken worden door reclame, is voor de kijker kennelijk geen bezwaar. Als Forrester het bij het rechte eind heeft, is dat slecht nieuws voor videodiensten als Amazon Unbox, Xbox Live Video en iTunes Store, die in onze contreien nog niet eens van start zijn gegaan.
De cijfers van Forrester wijzen uit dat tot nu toe slechts 9 procent van de volwassen internetters al eens betaalde voor het downloaden van een film of tv-serie. "Een niche van media junkies die bereid is om veel geld uit te geven aan dergelijke content", aldus de studie. "Zij representeren niet de gewone gebruiker. En omdat die niet in groten getale mee op de trein stapt, zal deze markt simpelweg niet snel genoeg groeien om de ambities van de betrokken bedrijven te realiseren. Daardoor zullen betaalde videodownloads uitsterven, ondanks de huidige snelle groei en de miljoenen die erin geïnvesteerd worden."
De cijfers van Forrester wijzen uit dat tot nu toe slechts 9 procent van de volwassen internetters al eens betaalde voor het downloaden van een film of tv-serie. "Een niche van media junkies die bereid is om veel geld uit te geven aan dergelijke content", aldus de studie. "Zij representeren niet de gewone gebruiker. En omdat die niet in groten getale mee op de trein stapt, zal deze markt simpelweg niet snel genoeg groeien om de ambities van de betrokken bedrijven te realiseren. Daardoor zullen betaalde videodownloads uitsterven, ondanks de huidige snelle groei en de miljoenen die erin geïnvesteerd worden."
Media Predict: Internetters voorspellen de kaskrakers van morgen
Toen de bedenkers van het Britse Idols hun format aan de man probeerden te brengen, vonden diverse grote tv-stations het idee maar niks. Met de komst van Media Predict behoren dat soort flaters wellicht tot het verleden. Op deze site probeert de internetgemeenschap mediabedrijven ervan te overtuigen welke tv-programma's, boeken en artiesten de komende tijd gaan scoren. Met als ultieme doel: een beter aanbod.
Uitgangspunt van Media Predict is dat de meeste nieuwe boeken, cd's en tv-programma's géén doorslaand succes worden, maar dat er - integendeel - vooral geld mee wordt verloren. Tv-stations, platenmaatschappijen en uitgevers weten met andere woorden lang niet altijd waar de consument op zit te wachten.
Media Predict wil daar verandering in brengen. De site geeft de internetgebruiker een virtueel bedrag van 5.000 dollar, dat hij kan inzetten op een aantal nieuwe projecten waarin hij sterk gelooft (of juist niet). Te denken valt aan een aanzet voor een boek, of een band die nog geen platencontract heeft. Vervolgens wordt de input van alle gebruikers samengebracht tot een percentage dat de kans op slagen van het project weerspiegelt.
Bij Media Predict zijn ze ervan overtuigd dat mediabedrijven de voorspellingen goed in de gaten zullen gaan houden. 'Het laatste wat ze willen is geld verliezen. Op onze site krijgen ze de potentiële toppers als het ware op een presenteerblaadje aangereikt.' De toekomst zal moeten uitwijzen of de internetgebruiker de media op deze manier écht een beetje naar zijn hand kan zetten. Afgaande op de huidige hoeveelheid pulp op de buis is er nog wel wat werk aan de winkel.
http://mediapredict.com
Uitgangspunt van Media Predict is dat de meeste nieuwe boeken, cd's en tv-programma's géén doorslaand succes worden, maar dat er - integendeel - vooral geld mee wordt verloren. Tv-stations, platenmaatschappijen en uitgevers weten met andere woorden lang niet altijd waar de consument op zit te wachten.
Media Predict wil daar verandering in brengen. De site geeft de internetgebruiker een virtueel bedrag van 5.000 dollar, dat hij kan inzetten op een aantal nieuwe projecten waarin hij sterk gelooft (of juist niet). Te denken valt aan een aanzet voor een boek, of een band die nog geen platencontract heeft. Vervolgens wordt de input van alle gebruikers samengebracht tot een percentage dat de kans op slagen van het project weerspiegelt.
Bij Media Predict zijn ze ervan overtuigd dat mediabedrijven de voorspellingen goed in de gaten zullen gaan houden. 'Het laatste wat ze willen is geld verliezen. Op onze site krijgen ze de potentiële toppers als het ware op een presenteerblaadje aangereikt.' De toekomst zal moeten uitwijzen of de internetgebruiker de media op deze manier écht een beetje naar zijn hand kan zetten. Afgaande op de huidige hoeveelheid pulp op de buis is er nog wel wat werk aan de winkel.
http://mediapredict.com
Babelgum en Kyte: tv kijken via andere kanalen
Het zijn boeiende tijden voor de televisieliefhebber die bereid is om - letterlijk en figuurlijk - via andere kanalen tv te kijken. Zo krijgt de kersverse 'tv-via-internet' dienst Joost er al meteen een interessante concurrent bij met Babelgum. Een andere start-up om in de gaten te houden is Kyte. Via deze 'mobile video-sharing site' kan de gebruiker zijn eigen tv-programma's produceren en die vervolgens live 'uitzenden' naar zijn eigen site of blog.
Babelgum verkeert net als Joost nog in de testfase, maar is nog niet toegankelijk voor het grote publiek. De ingrediënten zijn precies hetzelfde: peer-to-peer technologie, een knappe interface, tv programma's on demand, een uitstekende beeldkwaliteit en in hoge mate te personaliseren. De dienst wil zich onderscheiden van Joost door wat de kijker uiteindelijk het belangrijkste vindt: het aanbod. Dat zou wat meer niche worden, waar Joost het juist heel breed ziet. Babelgum wil in 2008 echt van start gaan en twee jaar later break-even draaien.
Van een heel ander kaliber is Kyte. Deze site is eerder een soort YouTube, met als grote verschil dat het video-aanbod vooral bestaat uit filmpjes die de gebruikers zelf hebben gedraaid - vaak gewoon met hun gsm. Met hulp van de Channel Creator kan iedereen hier zijn eigen kanaal beginnen en dat desgewenst ook integreren in andere websites. Er is zelfs een tool, Produce Show, om titels, muziek, foto's en dergelijke aan een 'programma' toe te voegen.
Een bijzonder onderdeel van de dienst is Kyte Mobile, een applicatie voor mobiele telefoons om opnamen rechtstreeks vanaf de gsm 'uit te zenden'. Dergelijke programma's kunnen dan in real-time bekeken worden door met de pc naar het juiste Kyte-kanaal te zappen. Met welke gsm's deze feature samenwerkt is terug te vinden op de site. In Zwitserland is operator Swisscom zopas voor 'enkele' miljoenen ingestapt in Kyte. Gebruikers van het Swisscom Mobile gsm-netwerk kunnen Kyte Mobile daardoor momenteel gratis uitproberen.
http://www.babelgum.com
http://www.kyte.tv
Babelgum verkeert net als Joost nog in de testfase, maar is nog niet toegankelijk voor het grote publiek. De ingrediënten zijn precies hetzelfde: peer-to-peer technologie, een knappe interface, tv programma's on demand, een uitstekende beeldkwaliteit en in hoge mate te personaliseren. De dienst wil zich onderscheiden van Joost door wat de kijker uiteindelijk het belangrijkste vindt: het aanbod. Dat zou wat meer niche worden, waar Joost het juist heel breed ziet. Babelgum wil in 2008 echt van start gaan en twee jaar later break-even draaien.
Van een heel ander kaliber is Kyte. Deze site is eerder een soort YouTube, met als grote verschil dat het video-aanbod vooral bestaat uit filmpjes die de gebruikers zelf hebben gedraaid - vaak gewoon met hun gsm. Met hulp van de Channel Creator kan iedereen hier zijn eigen kanaal beginnen en dat desgewenst ook integreren in andere websites. Er is zelfs een tool, Produce Show, om titels, muziek, foto's en dergelijke aan een 'programma' toe te voegen.
Een bijzonder onderdeel van de dienst is Kyte Mobile, een applicatie voor mobiele telefoons om opnamen rechtstreeks vanaf de gsm 'uit te zenden'. Dergelijke programma's kunnen dan in real-time bekeken worden door met de pc naar het juiste Kyte-kanaal te zappen. Met welke gsm's deze feature samenwerkt is terug te vinden op de site. In Zwitserland is operator Swisscom zopas voor 'enkele' miljoenen ingestapt in Kyte. Gebruikers van het Swisscom Mobile gsm-netwerk kunnen Kyte Mobile daardoor momenteel gratis uitproberen.
http://www.babelgum.com
http://www.kyte.tv
Consumensjes
Consumensjes’, het ligt lieftallig in de mond maar slaat even goed op een commerciële realiteit: kleine mensjes die consumeren. ‘Ze haten het om ‘gemarketeerd’ te worden en zijn de marketeers en adverteerders vaak te slim af, schrijft Ingrid Bottelberghs in haar boek ‘Consumensjes, over kinderen, reclame en communicatie’. Kinderen zijn experts in de omgang met reclame en massamedia, als ervaringsdeskundigen en ook omdat ze er expliciet op school over leren, beweert de reclamevrouw. Ze wil haar ervaringen en know how best delen met iedereen die met kinderen communiceert. De doelgroep kinderen legt de lat hoog voor de professionele marketeers. Dat mag klinken als een geruststellende vaststelling, vooral wanneer ze opduikt in een hoofdstuk onder de titel ‘Het veroveren van consumensjes’.
De professionals zijn natuurlijk blij als de grote trucendoos opengaat met manieren om weerspannige of overkritische consumenten voor zich te winnen. En ouders zouden stekelig kunnen reageren op het doordacht multimediaal offensief tegen hun kinderen en hun koopkracht.
Als het niet was dat Bottelberghs met ‘The Young Ones’, het communicatiebureau waarvan ze Client Service director is, heus wel mooie dingen doet en vooral naar eigen zeggen ‘kinderen koestert’. ,,De meeste campagnes vertrekken vanuit het product en willen dat per se slijten, ‘The Young Ones’ probeert bij de belevingswereld van het kind aan te sluiten en, dat moet gezegd, er bepaalde producten naar binnen te schuiven.
Bottelberghs haalt er in ‘Consumensjes’ de goeie ouwe Zwitserse psycholoog Jean Piaget (1896-1980) bij; hij bestudeerde hoe kinderen leren en stelde vast dat het in alle culturen volgens dezelfde ontwikkelingsstadia verloopt. Als de groeifases vastliggen bestaat er zoiets als ‘gevoelige periodes’, besloot hij, leeftijden waarop een kind een specifieke ontvankelijkheid heeft om door iets geboeid te zijn en erover te leren.
Televisieprogramma’s en ook reclamecampagnes, vertrouwen nog steeds op Piagets inzichten. Bottelberghs vertaalt ze als: baby’s vinden klank en kleur prettig, kleuters willen fantasie en plezier; kids (6 tot 8 jarigen houden van wat echt is en tweens (9 tot 12 jarigen) gaan voor emoties en relaties. Als je die wetenschap koppelt aan druk bezige ouders die voor en in overleg met hun kinderen aan compensatieconsumptie doen, ligt de weg breed open voor een stevige omzet. Want: ‘Kids Growing Younger Older’ gaat hand in hand met ‘Adults Getting Younger’. De twee groepen liggen dicht bij elkaar als het gaat om affiniteit met bepaalde belevenissen en hebbedingetjes. Bottelberghs en haar bureau stoppen hun creativiteit in campagnes als ‘Chiquita en het Rainforest Alliancecertificaat’, ‘Bozar family’ waarin twee subtiele icoontjes kinderen doorheen het Paleis voor schone Kunsten gidsen, ‘Mechelen kinderstad’ etc. Daaruit blijkt dat reclame ook spitsvondig kan worden gespeeld en vermag iets leuks in de samenleving neer te zetten.
Maar het blijft dansen op een slap koord want meer dan eens neutraliseert de ‘behoefte om erbij te horen’ de zogenaamd kritische zin. Daar waarschuwde Piaget al voor in 1977: ‘je suis inquiet du rôle des modes. Ils font tous la mème chose a un moment donné, et puis tout à coup la mode change, et ils font tous ensemble autre chose, et de nouveau la mème chose.’ (uit ‘Conversations libres avec Jean Piaget’, Jean Claude Bringuier, éditions Robert Laffont)
‘Consumensjes, over kinderen, reclame en communicatie’ van Ingrid Bottelberghs is uitgegeven bij LannooCampus, 144 blz. 29,95 euro.
Alexa, internetstatistieken
Alexa.com houdt de meest uiteenlopende statistieken van het internet bij. Een bijzonder handig instrument op de site is de Global Top 500 van drukst bezochte sites. Daarmee krijgt u snel een beeld van de belangrijkste online informatiebronnen over een bepaald onderwerp. Movers & Shakers, een andere Alexa-tool, laat dan weer zien welke sites de laatste weken opmerkelijk snel groeien of net uit de belangstelling verdwenen zijn.
In de hoogste regionen van de Global Top 500 vinden we uiteraard surfcijferkanonnen als Google, YouTube en MySpace terug. Door te filteren op land of zelfs taal, worden de lijsten met topsites al wat boeiender. Zo blijkt Skyrock.com in ons land toch enigszins verrassend goed te zijn voor de vierde positie, geflankeerd door Windows Live (op 3) en YouTube.com (op 5). Alexa is echter op z'n krachtigst wanneer u de sites laat uitsplitsen per onderwerp. Zo vindt u heel snel de toonaangevende internetpagina's terug in categorieën als Zakelijk, Nieuws en Gezondheid, die op hun beurt nog verder uitgesplitst worden, tot u zéér gedetailleerde resultaten krijgt (bijvoorbeeld: Nederlandstalig, Zakelijk, Management, Coaching).
Bij de resultaten moet wel een kanttekening worden gemaakt. Alexa genereert zijn statistieken op basis van het surfgedrag van mensen die een speciale toolbar hebben geïnstalleerd. Daardoor strookt de internetrangschikking van Alexa.com volgens kenners niet altijd met de realiteit.
http://www.alexa.com/site/ds/top_500
http://www.alexa.com/site/ds/movers_shakers
In de hoogste regionen van de Global Top 500 vinden we uiteraard surfcijferkanonnen als Google, YouTube en MySpace terug. Door te filteren op land of zelfs taal, worden de lijsten met topsites al wat boeiender. Zo blijkt Skyrock.com in ons land toch enigszins verrassend goed te zijn voor de vierde positie, geflankeerd door Windows Live (op 3) en YouTube.com (op 5). Alexa is echter op z'n krachtigst wanneer u de sites laat uitsplitsen per onderwerp. Zo vindt u heel snel de toonaangevende internetpagina's terug in categorieën als Zakelijk, Nieuws en Gezondheid, die op hun beurt nog verder uitgesplitst worden, tot u zéér gedetailleerde resultaten krijgt (bijvoorbeeld: Nederlandstalig, Zakelijk, Management, Coaching).
Bij de resultaten moet wel een kanttekening worden gemaakt. Alexa genereert zijn statistieken op basis van het surfgedrag van mensen die een speciale toolbar hebben geïnstalleerd. Daardoor strookt de internetrangschikking van Alexa.com volgens kenners niet altijd met de realiteit.
http://www.alexa.com/site/ds/top_500
http://www.alexa.com/site/ds/movers_shakers
Een cursus powerpoint voor de collega's?
Dankzij Tutorom.com kunt u zich de kosten van een avondschoolopleiding wellicht besparen. De site biedt honderden cursussen en lessen aan over de meest uiteenlopende onderwerpen, waarvan het merendeel gratis beschikbaar is. Zelf lesgeven kan ook, tegen betaling zelfs.
Tutorom is een initiatief van VTC, een bedrijf gespecialiseerd in computertrainingen op cd-rom en via het internet. Die trainingen vormen dan ook de hoofdmoot op de site (met alleen al 148 videolessen over Photoshop CS2), maar ook andere interessegebieden komen ruimschoots aan bod, van boekhoudcursussen tot kooklessen.
Een belangrijke peiler van het business model is dat gebruikers ook zelf lesmateriaal kunnen publiceren op Tutorom.com. Ze kunnen de lessen tegen betaling aanbieden, of gratis toegankelijk maken voor iedereen. In het laatste geval zal de lesstof onderbroken worden door advertenties, waarbij de auteur en Tutorom elk de helft van de reclame-inkomsten opstrijken. Wie lidgeld betaalt (30 dollar per maand of 250 dollar per jaar) hoeft die inkomsten niet te delen en krijgt daarnaast onbeperkt toegang tot de trainingen van VTC.
http://www.tutorom.com
Tutorom is een initiatief van VTC, een bedrijf gespecialiseerd in computertrainingen op cd-rom en via het internet. Die trainingen vormen dan ook de hoofdmoot op de site (met alleen al 148 videolessen over Photoshop CS2), maar ook andere interessegebieden komen ruimschoots aan bod, van boekhoudcursussen tot kooklessen.
Een belangrijke peiler van het business model is dat gebruikers ook zelf lesmateriaal kunnen publiceren op Tutorom.com. Ze kunnen de lessen tegen betaling aanbieden, of gratis toegankelijk maken voor iedereen. In het laatste geval zal de lesstof onderbroken worden door advertenties, waarbij de auteur en Tutorom elk de helft van de reclame-inkomsten opstrijken. Wie lidgeld betaalt (30 dollar per maand of 250 dollar per jaar) hoeft die inkomsten niet te delen en krijgt daarnaast onbeperkt toegang tot de trainingen van VTC.
http://www.tutorom.com
Misbruik bij Google advertenties?
Google AdWords, het advertentiesysteem van Google, kan misbruikt worden om een gevaarlijke site op de eerste pagina met zoekresultaten te laten verschijnen. En hoe doorzichtig de aankondiging ook is, er wordt hoe dan ook op geklikt. Tot die ontdekking komt onze landgenoot Didier Stevens, na een opvallend experiment.
Stevens simuleerde een drive-by-download site. Dat is een webstek die, simpelweg door er naartoe te surfen, een pc kan infecteren met een virus of andere malware. De site van Stevens was onschuldig, maar vertoonde wel de stereotiepe kenmerken van een gevaarlijke pagina; een weinig verhullende benaming (drive-by-download) en een domeinnaam (.info) die berucht is omwille van de vele malware-sites die zich ervan bedienen. Daarna startte Stevens een low-budget AdWords-campagne, met een slogan waar een zinnig mens nooit op zou klikken: 'Is your PC virus-free? Get it infected here!'. Hij liet Google een half jaar lang kauwen op zijn probeersel, om vervolgens tot opmerkelijke conclusies te komen.
"Om te beginnen heeft Google mijn advertentie zonder protest geaccepteerd, terwijl hij er opzettelijk verdacht uit zag. Ik heb Google overigens nog steeds niet gehoord hierover", vertelt Stevens op zijn blog. De advertentie was in zes maanden tijd 259.723 maal in beeld verschenen. Wat vooral verbazing wekt is dat 409 mensen zich niets aantrokken van de overduidelijke waarschuwing en toch op de advertentie klikten. Voor de statistici: dat is goed voor een 'doorklikscore' van 0,16 procent. De hele campagne kostte Stevens slechts 17 euro. Dat komt neer op 4 eurocent per klik of - moest de site écht gevaarlijk zijn - per geïnfecteerde computer.
http://didierstevens.wordpress.com
Stevens simuleerde een drive-by-download site. Dat is een webstek die, simpelweg door er naartoe te surfen, een pc kan infecteren met een virus of andere malware. De site van Stevens was onschuldig, maar vertoonde wel de stereotiepe kenmerken van een gevaarlijke pagina; een weinig verhullende benaming (drive-by-download) en een domeinnaam (.info) die berucht is omwille van de vele malware-sites die zich ervan bedienen. Daarna startte Stevens een low-budget AdWords-campagne, met een slogan waar een zinnig mens nooit op zou klikken: 'Is your PC virus-free? Get it infected here!'. Hij liet Google een half jaar lang kauwen op zijn probeersel, om vervolgens tot opmerkelijke conclusies te komen.
"Om te beginnen heeft Google mijn advertentie zonder protest geaccepteerd, terwijl hij er opzettelijk verdacht uit zag. Ik heb Google overigens nog steeds niet gehoord hierover", vertelt Stevens op zijn blog. De advertentie was in zes maanden tijd 259.723 maal in beeld verschenen. Wat vooral verbazing wekt is dat 409 mensen zich niets aantrokken van de overduidelijke waarschuwing en toch op de advertentie klikten. Voor de statistici: dat is goed voor een 'doorklikscore' van 0,16 procent. De hele campagne kostte Stevens slechts 17 euro. Dat komt neer op 4 eurocent per klik of - moest de site écht gevaarlijk zijn - per geïnfecteerde computer.
http://didierstevens.wordpress.com
Op reis met Tupalo.com
Wie straks goed voorbereid op vakantie wil vertrekken, brengt beter eerst een bezoek aan Tupalo.com. Daar vertellen de 'locals' u, nog voordat u in het vliegtuig stapt, welke sushi bars, shopping centra en boekenwinkels niet te missen zijn in de stad van uw bestemming. Wilt u zelf uw steentje bijdragen aan de site, kunt u vanaf vandaag tips achterlaten voor Antwerpen en Brussel.
Als u op business trip naar Frankfurt gaat, kunt u uw zakenrelatie gerust mee uit eten nemen naar restaurant Klabunt. Dat zeggen tenminste een paar inwoners van de Duitse stad die, net als u, de weg naar Tupalo.com hebben gevonden. Andere gebruikers bevelen u dan weer met veel plezier de beste vegetarische hamburger van San Francisco aan, of wijzen u de weg naar de hipste boetiek in Wenen. De site gaat als het ware verder waar Google Maps ophoudt: die dienst vertelt u misschien wel wàt er zoal in uw buurt is, maar niet hoe goed, vriendelijk, trendy of lekker een zaak is.
Tupalo.com is zopas bescheiden van start gegaan met veertien wereldsteden in Europa en Noord-Amerika. Wie in een van die steden woont kan zijn eigen favoriete plaatsen delen met potentiële bezoekers, en op die manier eigenlijk een persoonlijke city guide samenstellen, compleet met recensies. Sinds vandaag zijn ook Antwerpen en Brussel aan het lijstje toegevoegd en kunt u dus uw eigen tips aan de site toevoegen.
http://tupalo.com
Als u op business trip naar Frankfurt gaat, kunt u uw zakenrelatie gerust mee uit eten nemen naar restaurant Klabunt. Dat zeggen tenminste een paar inwoners van de Duitse stad die, net als u, de weg naar Tupalo.com hebben gevonden. Andere gebruikers bevelen u dan weer met veel plezier de beste vegetarische hamburger van San Francisco aan, of wijzen u de weg naar de hipste boetiek in Wenen. De site gaat als het ware verder waar Google Maps ophoudt: die dienst vertelt u misschien wel wàt er zoal in uw buurt is, maar niet hoe goed, vriendelijk, trendy of lekker een zaak is.
Tupalo.com is zopas bescheiden van start gegaan met veertien wereldsteden in Europa en Noord-Amerika. Wie in een van die steden woont kan zijn eigen favoriete plaatsen delen met potentiële bezoekers, en op die manier eigenlijk een persoonlijke city guide samenstellen, compleet met recensies. Sinds vandaag zijn ook Antwerpen en Brussel aan het lijstje toegevoegd en kunt u dus uw eigen tips aan de site toevoegen.
http://tupalo.com
CogMap: wie zwaait waar de scepter?
Organisatieschema's van bedrijven blijven meestal binnen de vier muren van die ondernemingen. Jammer, want ze kunnen interessante info bevatten die je met Google zomaar niet terugvindt. Wie deelt de lakens uit in een organisatie? Welke mensen werken er nog meer in eenzelfde team? De website CogMap maakt er geen geheim van.
CogMap, bijgenaamd The Org Chart Wiki, heeft ondertussen een heleboel organisatieschema's online staan, van mastodonten als Microsoft, Dell en Yahoo!, maar ook van kleine, onbekende bedrijven. Die verscheidenheid in het aanbod is te danken aan het feit dat iedereen schema's kan toevoegen. Het volstaat om even een gratis account te nemen op de site. Minstens zo belangrijk is de mogelijkheid om bestaande schema's te updaten of - indien nodig - te corrigeren.
Hoe betrouwbaar de gegevens op CogMap zijn valt natuurlijk moeilijk te controleren. De makers hopen alvast op het Wikipedia-effect: hoe meer gebruikers de schema's gaan finetunen, hoe nauwkeuriger de informatie.
http://www.cogmap.com
CogMap, bijgenaamd The Org Chart Wiki, heeft ondertussen een heleboel organisatieschema's online staan, van mastodonten als Microsoft, Dell en Yahoo!, maar ook van kleine, onbekende bedrijven. Die verscheidenheid in het aanbod is te danken aan het feit dat iedereen schema's kan toevoegen. Het volstaat om even een gratis account te nemen op de site. Minstens zo belangrijk is de mogelijkheid om bestaande schema's te updaten of - indien nodig - te corrigeren.
Hoe betrouwbaar de gegevens op CogMap zijn valt natuurlijk moeilijk te controleren. De makers hopen alvast op het Wikipedia-effect: hoe meer gebruikers de schema's gaan finetunen, hoe nauwkeuriger de informatie.
http://www.cogmap.com
Google Agenda-reminders via uw gsm
Wie z'n afspraken online bijhoudt met Google Agenda krijgt er een interessante mogelijkheid bij: de dienst herinnert de gebruiker voortaan desgewenst met een sms'je aan naderende afspraken.
De sms-notificatiefunctie van Google Agenda, die in sommige landen al eerder beschikbaar was, wordt in België meteen door alle operatoren ondersteund. Wie er opdraait voor de kosten van dergelijke herinneringen wordt niet meteen duidelijk op de site. Navraag leert echter dat Google de sms-berichten zelf betaalt. Voor de gebruiker is de dienst dus helemaal gratis.
Bestaande gebruikers van Google Agenda kunnen de dienst activeren via het menu Instellingen waar u vervolgens kiest voor Mobiele Instellingen. Na het invullen van uw gsm-nummer krijgt u per sms een verificatiecode toegestuurd om de mobiele meldingen in te schakelen. Vanaf dan kunt u, per afspraak, aangeven of én wanneer (van 5 minuten tot een week vooraf) een herinnering wilt ontvangen op uw gsm. Nieuwe gebruikers dienen eerst een gratis Google-account te nemen.
http://www.google.com/calendar
De sms-notificatiefunctie van Google Agenda, die in sommige landen al eerder beschikbaar was, wordt in België meteen door alle operatoren ondersteund. Wie er opdraait voor de kosten van dergelijke herinneringen wordt niet meteen duidelijk op de site. Navraag leert echter dat Google de sms-berichten zelf betaalt. Voor de gebruiker is de dienst dus helemaal gratis.
Bestaande gebruikers van Google Agenda kunnen de dienst activeren via het menu Instellingen waar u vervolgens kiest voor Mobiele Instellingen. Na het invullen van uw gsm-nummer krijgt u per sms een verificatiecode toegestuurd om de mobiele meldingen in te schakelen. Vanaf dan kunt u, per afspraak, aangeven of én wanneer (van 5 minuten tot een week vooraf) een herinnering wilt ontvangen op uw gsm. Nieuwe gebruikers dienen eerst een gratis Google-account te nemen.
http://www.google.com/calendar
Disney lanceert sociaal netwerk voor kids
Met Disney Xtreme Digital lanceert Disney een sociale netwerksite voor kinderen. Het grote verschil met een 'grote-mensendienst' als MySpace is dat ouders hier wél kunnen controleren wat hun kroost zoal uitspookt. En Disney, dat heeft er een sociaal verantwoord kanaal bij om z'n producten te etaleren, waarbij de kinderen met veel plezier de marketing verzorgen.
Dat ook kinderen ondertussen vlot hun weg vinden naar sites à la MySpace baart veel ouders terecht zorgen. Er is geen controle mogelijk op welke informatie er wordt geshared, en met wie er wordt gechat. Op Disney 'XD', bedoeld voor kids tot 14 jaar, is die mogelijkheid er wel. Kinderen kunnen hier hun eigen minisite optrekken rond de bekende Disney-figuurtjes, onder het toezichthoudend oog van hun ouders. Zo kan er pas écht worden gechat nadat ouders daar expliciet toelating voor gegeven hebben. Tot die tijd moet zoon- of dochterlief zich behelpen met kant-en-klare berichten die moeten voorkomen dat er persoonlijke gegevens worden vrijgegeven. Sowieso kan er op de site alleen maar Disney-content met elkaar worden uitgewisseld.
Kinderen een veilige haven bieden op het internet is een nobel streven, maar voor Disney wellicht eerder het middel om een nog hoger doel te realiseren: een community van kid-marketeers die elkanders sites bezoeken, over Disney-programma's praten en zo in aanraking komen met de complete Disney merchandising. Voorlopig is Disney Extreme Digital alleen bereikbaar voor kinderen in de VS; de rest van de wereld zal echter snel volgen, aldus Disney.
Dat ook kinderen ondertussen vlot hun weg vinden naar sites à la MySpace baart veel ouders terecht zorgen. Er is geen controle mogelijk op welke informatie er wordt geshared, en met wie er wordt gechat. Op Disney 'XD', bedoeld voor kids tot 14 jaar, is die mogelijkheid er wel. Kinderen kunnen hier hun eigen minisite optrekken rond de bekende Disney-figuurtjes, onder het toezichthoudend oog van hun ouders. Zo kan er pas écht worden gechat nadat ouders daar expliciet toelating voor gegeven hebben. Tot die tijd moet zoon- of dochterlief zich behelpen met kant-en-klare berichten die moeten voorkomen dat er persoonlijke gegevens worden vrijgegeven. Sowieso kan er op de site alleen maar Disney-content met elkaar worden uitgewisseld.
Kinderen een veilige haven bieden op het internet is een nobel streven, maar voor Disney wellicht eerder het middel om een nog hoger doel te realiseren: een community van kid-marketeers die elkanders sites bezoeken, over Disney-programma's praten en zo in aanraking komen met de complete Disney merchandising. Voorlopig is Disney Extreme Digital alleen bereikbaar voor kinderen in de VS; de rest van de wereld zal echter snel volgen, aldus Disney.
Joost
Joost - spreek uit als 'Juiced' - is de nieuwe hype van het moment. De dienst, die televisiebeelden via een ingenieuze technologie op het computerscherm toont, gaat na een aantal weken testen nu ook officieel van start.
Joost werkt immers nog steeds met een besloten gebruikersgroep: de tientallen televisiekanalen openen zich enkel voor wie een uitnodiging in zijn mailbox vond. Qua inhoud kunt u zich verwachten aan alles van kookprogramma's over autoraces en muziekclips tot stomme films.
Toch is Joost meer dan een nieuwe variant op pakweg YouTube. Het gaat volgens de makers -bekend van eerdere initiatieven als Kazaa en Skype - om 'echte televisie', wat onder meer betekent dat u volledige uitzendingen kunt opvragen en ze op het volle pc-scherm kunt tonen in een meer dan aanvaardbare beeldkwaliteit. In de nabije toekomst valt Joost wellicht ook op uw televisietoestel te bekijken, eens u dat met het internet verbonden hebt. In tegenstelling tot kabeltelevisie werkt Joost volledig 'on demand'. Hoewel de dienst een aantal thematische kanalen biedt, hebt u de keuze wanneer u welk programma bekijkt. Ook doorspoelen of pauzeren is geen probleem. De meeste kanalen bieden een tiental uitzendingen, sommigen veel meer.
En net zoals u dat op het net gewoon bent, kunt u zoeken naar programma's, bookmarks bijhouden en zelfs met andere kijkers chatten over het programma dat u net aan het bekijken bent.
Terwijl de meeste inhoud aangeleverd wordt door kleine, onafhankelijke producenten - die Joost zien als de perfecte drager voor hun nicheprogrammering - doen ook steeds meer grote namen uit de mediawereld mee. Zo leveren CBS, Paramount Pictures en MTV al inhoud aan. Nog indrukwekkender is het lijstje adverteerders dat Joost wist aan te trekken. Joost kijkers mogen zich binnenkort verwachten aan reclamespotjes van merken als IBM, L'Oreal of Nokia. Autoproducent Opel wil zijn nieuwste modellen vanaf deze maand exclusief op Joost voorstellen. Moederbedrijf General Motors spreekt daarbij over het gebruik van "verschillende nieuwe advertentiemodellen" waarbij wellicht de interactiviteit centraal staat.
Joost werkt immers nog steeds met een besloten gebruikersgroep: de tientallen televisiekanalen openen zich enkel voor wie een uitnodiging in zijn mailbox vond. Qua inhoud kunt u zich verwachten aan alles van kookprogramma's over autoraces en muziekclips tot stomme films.
Toch is Joost meer dan een nieuwe variant op pakweg YouTube. Het gaat volgens de makers -bekend van eerdere initiatieven als Kazaa en Skype - om 'echte televisie', wat onder meer betekent dat u volledige uitzendingen kunt opvragen en ze op het volle pc-scherm kunt tonen in een meer dan aanvaardbare beeldkwaliteit. In de nabije toekomst valt Joost wellicht ook op uw televisietoestel te bekijken, eens u dat met het internet verbonden hebt. In tegenstelling tot kabeltelevisie werkt Joost volledig 'on demand'. Hoewel de dienst een aantal thematische kanalen biedt, hebt u de keuze wanneer u welk programma bekijkt. Ook doorspoelen of pauzeren is geen probleem. De meeste kanalen bieden een tiental uitzendingen, sommigen veel meer.
En net zoals u dat op het net gewoon bent, kunt u zoeken naar programma's, bookmarks bijhouden en zelfs met andere kijkers chatten over het programma dat u net aan het bekijken bent.
Terwijl de meeste inhoud aangeleverd wordt door kleine, onafhankelijke producenten - die Joost zien als de perfecte drager voor hun nicheprogrammering - doen ook steeds meer grote namen uit de mediawereld mee. Zo leveren CBS, Paramount Pictures en MTV al inhoud aan. Nog indrukwekkender is het lijstje adverteerders dat Joost wist aan te trekken. Joost kijkers mogen zich binnenkort verwachten aan reclamespotjes van merken als IBM, L'Oreal of Nokia. Autoproducent Opel wil zijn nieuwste modellen vanaf deze maand exclusief op Joost voorstellen. Moederbedrijf General Motors spreekt daarbij over het gebruik van "verschillende nieuwe advertentiemodellen" waarbij wellicht de interactiviteit centraal staat.
ThinkFree Docs
Het tamelijk nieuwe Scribd, ook wel de YouTube voor documenten genoemd, krijgt er al meteen een geduchte concurrent bij. Ook op ThinkFree Docs kunt u voortaan teksten, spreadsheets en andere documenten uitwisselen. De dienst voelt zich gesterkt door de wetenschap dat ze deel uitmaakt van ThinkFree.com, een gratis online alternatief voor Microsoft Office.
In tegenstelling tot Scribd kan ThinkFree Docs onmiddellijk bogen op een aanzienlijke 'installed user base'; er zijn inmiddels zo'n 275.000 mensen die gebruik maken van de gratis Office-suite, plus duizenden anderen die voor de betalende versie opteerden. Al die gebruikers kunnen hun documenten vanaf nu rechtstreeks publiceren op het internet, mochten ze de behoefte hebben hun files met anderen te delen. De drempel om dat te doen is alvast lager dan bij Scribd waar de bestanden via de site 'handmatig' opgeladen moeten worden.
De ThinkFree Office-suite kende overigens al een manier om documenten te delen, maar die was - volgens het principe van Google Docs & Spreadsheets - vooral bedoeld om met meerdere mensen samen aan dezelfde files te werken. Met ThinkFree Docs kunt u uw documenten niet alleen met collega's delen, maar in één klap met de hele wereld.
Zoals het een site als deze betaamt, hoest ThinkFree Docs in een handomdraai de interessantste, hoogst gewaardeerde of meest bekeken documenten op. Of de wereld zit te wachten op een community rond gedeelde Word-, Excel- en PowerPoint-bestanden weten we niet. Maar als dat wel het geval is, heeft ThinkFree Docs volgens ons alvast een streepje voor.
http://www.thinkfreedocs.com
In tegenstelling tot Scribd kan ThinkFree Docs onmiddellijk bogen op een aanzienlijke 'installed user base'; er zijn inmiddels zo'n 275.000 mensen die gebruik maken van de gratis Office-suite, plus duizenden anderen die voor de betalende versie opteerden. Al die gebruikers kunnen hun documenten vanaf nu rechtstreeks publiceren op het internet, mochten ze de behoefte hebben hun files met anderen te delen. De drempel om dat te doen is alvast lager dan bij Scribd waar de bestanden via de site 'handmatig' opgeladen moeten worden.
De ThinkFree Office-suite kende overigens al een manier om documenten te delen, maar die was - volgens het principe van Google Docs & Spreadsheets - vooral bedoeld om met meerdere mensen samen aan dezelfde files te werken. Met ThinkFree Docs kunt u uw documenten niet alleen met collega's delen, maar in één klap met de hele wereld.
Zoals het een site als deze betaamt, hoest ThinkFree Docs in een handomdraai de interessantste, hoogst gewaardeerde of meest bekeken documenten op. Of de wereld zit te wachten op een community rond gedeelde Word-, Excel- en PowerPoint-bestanden weten we niet. Maar als dat wel het geval is, heeft ThinkFree Docs volgens ons alvast een streepje voor.
http://www.thinkfreedocs.com
Listio.com toont het bos door de bomen
U wilt het wel volgen, die fascinerende wereld van Web 2.0, maar de wildgroei aan sites werkt demotiverend? De internet directory Listio.com laat u door de bomen het bos weer zien en, belangrijker, schotelt u snel de Web 2.0-diensten voor die voor u relevant zijn.
Listio.com werkt met tag clouds, waardoor u zeer gericht naar nuttige Web 2.0-diensten kunt doorklikken. In een tag cloud wordt de relevantie van trefwoorden aangegeven door de grootte van die woorden. Klikt u bijvoorbeeld op de tag 'business', dan verschijnt er een nieuwe 'wolk' met trefwoorden. Een muisklik verder ziet u alle Web 2.0-diensten die te maken hebben met bijvoorbeeld facturatie, kalenders of financiering.
Geen Web 2.0-site zonder interactie, en dat geldt ook voor Listio.com zelf. Zo kunnen gebruikers hun stem uitbrengen op de diensten die hen bevallen, waardoor u nog makkelijker een keuze kunt maken uit de toch al erg nauwkeurige zoekresultaten. En dankzij de categorie Popular is de site niet alleen een bezoek waard als u gericht naar iets op zoek bent, maar ook als u in een oogopslag wilt zien wat hot is in Web 2.0-land.
http://www.listio.com
Listio.com werkt met tag clouds, waardoor u zeer gericht naar nuttige Web 2.0-diensten kunt doorklikken. In een tag cloud wordt de relevantie van trefwoorden aangegeven door de grootte van die woorden. Klikt u bijvoorbeeld op de tag 'business', dan verschijnt er een nieuwe 'wolk' met trefwoorden. Een muisklik verder ziet u alle Web 2.0-diensten die te maken hebben met bijvoorbeeld facturatie, kalenders of financiering.
Geen Web 2.0-site zonder interactie, en dat geldt ook voor Listio.com zelf. Zo kunnen gebruikers hun stem uitbrengen op de diensten die hen bevallen, waardoor u nog makkelijker een keuze kunt maken uit de toch al erg nauwkeurige zoekresultaten. En dankzij de categorie Popular is de site niet alleen een bezoek waard als u gericht naar iets op zoek bent, maar ook als u in een oogopslag wilt zien wat hot is in Web 2.0-land.
http://www.listio.com
SuTree, YouTube voor cursussen
Noem SuTree.com gerust de YouTube voor cursussen, handleidingen en andersoortige how to's. Ruim vijfduizend videolessen herbergt deze knowledge community inmiddels, verdeeld over dik twintig categorieën. Een snelle blik in de luiken 'business & carrière' en 'geld & financiën' levert onder meer filmpjes op over 'de kunst van het coachen', 'presentatievaardigheden' en 'investeertips'. Maar eigenlijk vindt iedereen hier wel iets van zijn gading, aan de hand van categorieën als 'familie en ouderschap', 'eten & drinken', 'geluid & muziek'. En wie de wereld zelf iets wil bijbrengen, wordt uitgenodigd om zijn eigen cursusfilmpjes te uploaden.
http://www.sutree.com
http://www.sutree.com
Clickstream broadcasting
Zou u het leuk vinden als anderen kunnen zien naar welke sites u surft? Een heleboel internetgebruikers hebben kennelijk géén probleem met deze digitale vorm van exhibitionisme, en sturen hun clickstream (gegevens over de pagina's die ze bekijken) sans gêne door naar de servers van AttenTV. Via de gelijknamige website kan iedereen vervolgens in real-time zien waar deze mensen zoal op klikken. U hoeft beslist geen voyeur te zijn om daar iets uit te halen. De surfers die hun clickstream uitzenden zijn in het algemeen erg web savvy, waardoor ze u geregeld zullen 'meenemen' naar onbekende of splinternieuwe webstekken die zeer de moeite zijn. Marketeers zullen AttenTV dan weer kunnen smaken omwille van de nieuwe manier waarop het surfgedrag van mensen in kaart wordt gebracht.
http://www.atten.tv
http://www.atten.tv
woensdag 6 juni 2007
Boondoggle
Voorheen i-merge. Leuke site, check it out http://www.boondoggle.eu , vul je telefoonnummer in, wordt gebeld en spreek de nieuwe naam uit. Nadien beluisteren in de hall of fame. Mooie grafische uitwerking, eens tonen aan Milk & Cookies :-)
Lees ook de blog op http://blog.boondoggle.eu
Lees ook de blog op http://blog.boondoggle.eu
Abonneren op:
Posts (Atom)